Contact Spoed

Diabetes type 1

Iemand met diabetes type 1 maakt zelf helemaal geen insuline meer aan.

Zonder insuline kan het lichaam de bloedsuikerspiegel niet in balans houden en kan die gevaarlijk hoog oplopen. Insuline werkt als het ware als een sleutel, die de cellen open zet. Hierdoor kunnen de suikers worden opgenomen door de cellen. Maar omdat er geen insuline meer aangemaakt wordt, bij mensen met diabetes type 1, kunnen de cellen de suikers niet opnemen en stijgt de bloedsuikerspiegel.

Diabetes type 1 ontstaat meestal in korte tijd, met flink ziek zijn en over het algemeen bij mensen onder de dertig jaar. Daarom heette diabetes type 1 vroeger ook wel 'jeugddiabetes'. Maar we weten nu dat je het op alle leeftijden nog kunt krijgen. Deze vorm van diabetes is een auto-immuunziekte. Dat betekent dat het eigen afweersysteem het probleem heeft veroorzaakt. Normaal ruimt het afweersysteem alleen schadelijke indringers op in het lichaam. Bij diabetes type 1 heeft het afweersysteem per ongeluk de cellen die insuline aanmaken aangevallen. Insuline wordt gemaakt door cellen in de alvleesklier, die zitten in groepjes in de 'eilandjes van Langerhans', genoemd naar hun ontdekker. Bij diabetes type 1 zijn de eilandjes zo beschadigd dat ze geen insuline meer maken. Mensen met type 1 diabetes hebben dus de rest van hun leven insuline nodig. Zo een 10-15 % van de mensen met diabetes heeft dit type diabetes.

Mensen met een type 1 diabetes, worden binnen het Diabetes Kenniscentrum voornamelijk behandeld met een intensief insulineschema (4 maal op een dag insuline injecteren) of met een insulinepomp. Behandeling diabetes type 1

Behandeling

Omdat er bij diabetes type 1 geen insuline meer door het lichaam aangemaakt wordt, moet er insuline geïnjecteerd worden, om zo de balans van de bloedsuikerspiegel weer op orde te krijgen. Mensen met diabetes type 1 moeten zichzelf hun leven lang met insuline injecteren. Dit gebeurt met een insulinepen of anders wordt de insuline gelijkmatig afgegeven aan het lichaam via een insulinepomp.

Door het gebruik van insuline moet het glucosegehalte weer terug worden gebracht naar een waarde tussen de 4 en 10 mmol/l. Spuiten met een insulinepen, wordt meestal 4 keer per dag gedaan. Een insulinepomp geeft constant een bepaalde hoeveelheid insuline aan het lichaam, bij elke maaltijd kun je dan zelf een extra bolus geven. Insulinepomp.

Het is belangrijk om goed ingesteld te zijn, in overleg met uw diabetesverpleegkundige en uw internist, wordt er gewerkt aan een goede instelling. Ook wordt er ongeveer een keer in de drie maanden een gemiddelde bloedglucose gemeten. Dit wordt het Hba1c genoemd. En natuurlijk blijft het heel erg belangrijk dat u zelf blijf meten, want meten is weten!

Belangrijk is om met uw behandelteam te bespreken wat uw doelen van de behandeling zijn. Wat wilt ú met de behandeling van uw diabetes bereiken? Misschien wilt u geen klachten hebben en geen complicaties krijgen? Een zo normaal mogelijk leven leiden? Wilt u misschien van alles weten, om zelf vat te krijgen op uw diabetes? Uw doelen zijn vergelijkbaar met die van ons als behandelteam.

Behandeldoelen van ons Diabetes Kenniscentrum zijn onder andere:

  • een zo goed mogelijke glucose-regulatie;
  • tijdige opsporing en behandeling van risicofactoren voor complicaties (zoals hoge bloeddruk of verhoogd cholesterol);
  • het voorkómen, tijdig opsporen en behandelen van complicaties;
  • patiënten leren en helpen om de dagelijkse zorg voor hun diabetes zelf uit te voeren.

Dit alles met het oog op een zo goed mogelijke kwaliteit van leven voor u.