Colonoscopie onder Propofol
Maag-Darm-Levercentrum
Inleiding
Binnenkort krijgt u een darmonderzoek (colonoscopie) met Propofol.
Uw arts heeft u hier al informatie over gegeven.
Voordat het onderzoek plaatsvindt, heeft u eerst een afspraak met de Sedatie Praktijk Specialist (SPS) op de pre-operatieve polikliniek (POP). Deze zorgverlener stelt vragen over uw gezondheid en legt uit hoe de verdoving (sedatie) tijdens het onderzoek werkt.
In deze folder leest u meer over de colonoscopie. U leest wat het onderzoek is, hoe u zich voorbereidt, hoe het onderzoek verloopt en wat u daarna kunt verwachten.
Lees de folder rustig door en vul de vragenlijst in. Zo bent u goed voorbereid op het onderzoek.
Wat is een colonoscopie?
Een colonoscopie is een onderzoek van de dikke darm. De arts brengt via de anus een dunne, buigzame slang (endoscoop) in de darm. Aan het uiteinde van de slang zit een kleine camera. Zo kan de arts de binnenkant van uw dikke darm goed bekijken.
Tijdens het onderzoek kan de arts ontstekingen, bloedingen, poliepen of tumoren zien. Ook kan de arts een klein stukje weefsel wegnemen voor verder onderzoek. Dit heet een biopsie.
Het onderzoek duurt ongeveer 30 minuten. Moet de arts bijvoorbeeld een grote poliep verwijderen? Dan kan het onderzoek langer duren.
Procedure op de endoscopie-afdeling
Ga eerst naar de zuil in de centrale hal en meld u daar aan. Dit kan even duren. Ga daarna naar de zuil bij routenummer 19 en meld u daar ook aan. Neem daarna plaats in de wachtruimte.
Een verpleegkundige haalt u op en brengt u naar de kamer waar u zich voorbereidt op het onderzoek. Degene die met u is meegekomen, wacht in de wachtruimte.
Draag op de dag van het onderzoek makkelijke, ruime kleding.
Vlak voor het onderzoek krijgt u van ons een speciale broek om te dragen.
U krijgt een infuus. Dat is een dun slangetje in uw arm. Via dit slangetje krijgt u de medicijnen voor het onderzoek.
De verpleegkundige kijkt samen met u of de ingevulde vragen nog kloppen. Ook vragen we naar de gegevens van de persoon die we kunnen bellen als dat nodig is.
Draagt u een kunstgebit? Doe dit dan uit voordat het onderzoek begint. Neem een bakje mee om uw kunstgebit in te bewaren.
Het onderzoek
De Sedatie Praktijk Specialist (SPS) haalt u op en brengt u met uw bed naar de onderzoekskamer. De SPS is een zorgverlener die ervoor zorgt dat u tijdens het onderzoek een slaapmiddel (sedatie) krijgt. Zo bent u ontspannen en merkt u zo min mogelijk van het onderzoek.
In de onderzoekskamer krijgt u een kapje op uw neus of mond. Hierdoor krijgt u extra zuurstof. Ook krijgt u een knijper op uw vinger. Hiermee meten we uw hartslag en hoeveel zuurstof er in uw bloed zit.
Voordat het onderzoek begint, controleert het team samen nog een keer uw gegevens. Zo weten we zeker dat alles klopt. Daarna start de SPS met het geven van de sedatie. De SPS blijft tijdens het hele onderzoek bij u en houdt u goed in de gaten.
Tijdens de colonoscopie ligt u op uw linkerzij. De arts brengt een dunne, buigzame slang (de endoscoop) voorzichtig via de anus in de dikke darm. De arts schuift de slang langzaam verder door de darm. Soms drukt de verpleegkundige zacht op uw buik. Dit helpt om de slang makkelijker door de darm te bewegen.
Als de endoscoop aan het einde van de dikke darm is, trekt de arts de slang langzaam terug. Tijdens het terughalen bekijkt de arts de binnenkant van uw darm goed.
Als dat nodig is, kan de arts een klein stukje weefsel wegnemen voor verder onderzoek. Dit doet geen pijn. Ook kan de arts een poliep weghalen of een bloedend plekje in de darm behandelen.
Soms loopt de planning anders dan verwacht. Het kan daarom voorkomen dat een andere arts het onderzoek uitvoert dan eerder met u is afgesproken.
Na het onderzoek
Na het onderzoek brengen we u met uw bed naar de uitslaapruimte van het Maag-Darm-Levercentrum. Hier kunt u rustig wakker worden. Als u goed wakker bent, krijgt u iets te eten en te drinken. U mag na het onderzoek weer gewoon eten en drinken.
Meestal mag u na 1 tot 1,5 uur naar huis.
Omdat u tijdens het onderzoek het slaapmiddel propofol heeft gekregen, mag u die dag niet zelf deelnemen aan het verkeer. Daarom moet iemand u komen ophalen en naar huis brengen.
Op de dag van het onderzoek mag u:
- niet zelf autorijden, motorrijden of fietsen;
- niet alleen met het openbaar vervoer reizen;
- niet alleen met een taxi naar huis gaan.
Zorg er daarom voor dat een familielid, vriend of kennis u naar huis brengt.
De uitslag
De uitslag krijgt u tijdens uw bezoek aan de polikliniek of, als de huisarts het onderzoek heeft aangevraagd, via uw huisarts.
Als er een ernstige afwijking wordt gevonden, dan wordt u in het bijzijn van de endoscopist, verpleegkundige en uw begeleiding daarvan op de hoogte gesteld.
Mogelijke risico's
Een colonoscopie is meestal een veilig onderzoek. Problemen komen gelukkig weinig voor. Toch is het belangrijk dat u weet welke risico's er zijn.
Soms verwijdert de arts tijdens het onderzoek een poliep. Daardoor kan een bloeding ontstaan. Dit kan tijdens het onderzoek gebeuren, maar ook nog tot 14 dagen daarna. Meestal stopt de bloeding vanzelf. Soms is een opname in het ziekenhuis nodig. Het kan ook zijn dat er nog een keer een colonoscopie nodig is om de bloeding te behandelen. Heel soms is een operatie nodig.
Heel soms ontstaat er een klein gaatje in de darmwand. Dit noemen we een perforatie. De kans hierop is iets groter als uw darm ontstoken is, als u veel uitstulpingen in de darm (divertikels) heeft, als de darm vernauwd is of als er een poliep is weggehaald.
Bij een perforatie krijgt u meestal erge buikpijn. Later kunt u ook koorts krijgen. De kans hierop is klein: ongeveer 1 op de 2.000 onderzoeken. Als dit gebeurt, is meestal een opname in het ziekenhuis nodig. Soms is ook een operatie nodig.
Andere belangrijke zaken
Antistollingsmedicijnen
Gebruikt u antistollingsmedicijnen dan wordt dit met u besproken tijdens het pre-scopie gesprek. Of uw MDL-arts heeft u hierover ingelicht op uw poli-afspraak.
Heeft u dit nog niet met ons besproken neem dan contact met ons op.
IJzertabletten
Als u ijzertabletten gebruikt, moet u deze een week voor het onderzoek stoppen.
Diabetes mellitus / suikerziekte
Als u diabetes mellitus (suikerziekte) heeft en hiervoor medicijnen gebruikt (tabletten of insuline), kunt u de folder “Aanpassen diabetesmedicatie” opvragen met richtlijnen hierover. Deze folder kunt u verkrijgen via de diabetesverpleegkundige, MDL-centrum of via de secretaresse van uw behandelend arts. Het is belangrijk dat u uw insulinepen, insuline en glucosemeter meeneemt.
Pacemaker of ICD
heeft u een ICD kastje of een pacemaker heeft, geef dit dan vooraf (telefonisch) aan.
Zwangerschap
Indien u (mogelijk) zwanger bent, dient u dit vooraf te melden. Meestal kunt u dit onderzoek dan niet laten verrichten.
Overig
Een week voor het onderzoek mogen geen maag- of darmfoto’s gemaakt worden, waarbij bariumpap wordt gebruikt.
Contact
Als er na het onderzoek klachten optreden kunt u contact opnemen met het MDL-centrum. Zie onderstaande telefoonnummers.
Telefoonnummers
De volgende telefoonnummers zijn voor u van belang als u de arts
of het MDL-centrum wilt bereiken:
Maandag tot en met vrijdag van 8.15 – 16.30 uur:
T 010 297 53 74 (MDL-centrum)
Buiten kantooruren:
T 010 297 50 00 (vraag via de receptioniste naar de dienstdoende arts-assistent SEH)
Mocht u thuis nog vragen hebben over het onderzoek, lees dan eerst nogmaals de folder door. Is uw vraag nog niet beantwoord, raadpleeg dan de Beter Dichtbij App.
Toestemming
Je hebt het recht om te beslissen over je behandeling. Het is belangrijk dat je goed geïnformeerd bent. Deze folder geeft je die informatie. Als je meer wilt weten over je rechten en plichten als patiënt, kun je een brochure afhalen bij het patiëntenservicebureau.
Belangrijke informatie
Bent u bij ons geweest voor een darmonderzoek in het kader van bevolkingsonderzoek en krijgt u na het darmonderzoek (colonoscopie) klachten aan uw darmen, zoals bloed in de ontlasting of een aanhoudende verandering in het ontlastingspatroon zoals verstopping of diarree? Wacht dan niet op de volgende uitnodiging voor het bevolkingsonderzoek, maar ga naar uw huisarts.
Bent u om andere redenen doorverwezen voor een darmonderzoek (dus niet via het bevolkingsonderzoek) en krijgt u na het onderzoek klachten, neem dan ook altijd contact op met uw huisarts, als de klachten niet passen bij de u bekende klachten. Vaak hebben mensen een patroon ontwikkeld om met de klachten om te gaan, zoals aanpassingen in voeding/mijden stress/stoelgang optimaliseren en dergelijke. Als dit allemaal het geval is en de klachten worden niet beter dan adviseren wij u om met uw huisarts contact op te nemen.
www.ikazia.nl