Sigmoidoscopie

Sigmoidoscopie

Darmonderzoek: sigmoïdoscopie

Maag- Darm-Levercentrum

Inleiding

U krijgt een darmonderzoek. Dat onderzoek heet een sigmoïdoscopie. De arts heeft samen met u besloten dat dit onderzoek nodig is.

Er staat veel informatie in deze folder. Lees het rustig en goed door.

Hoe gaat het darmonderzoek? Waar moet u op letten? Kunt u klachten krijgen?

Daarover gaat deze folder

Wat is een sigmoïdoscopie?

Bij een sigmoïdoscopie kijkt de arts in het laatste deel van uw dikke darm. De arts gebruikt hiervoor een dunne slang. De slang gaat via uw anus (poepgat) naar binnen. De slang heet een endoscoop. Uw darmen moeten schoon zijn voor dit onderzoek.

Met dit onderzoek kan de arts uw darmen bekijken. De arts kijkt of er ontstekingen, bloedingen, poliepen of gezwellen zijn. Door de slang kunnen andere hulpmiddelen geschoven worden. Soms haalt de arts een klein stukje weefsel weg. Soms verwijdert de arts een poliep. Het onderzoek duurt ongeveer twintig minuten. Soms duurt het onderzoek langer, bijvoorbeeld als de arts een grote poliep weghaalt.

Schone darmen

Uw darmen moeten goed schoon zijn voor het onderzoek. Zit er nog ontlasting in uw darm? Dan kan de arts de darm niet goed bekijken. U kunt uw darmen op twee manieren schoon maken: met een laxeermiddel of met een klysma. Bij u doen we dat met:

O Laxeren. U doet dit zelf thuis. U krijgt een folder. In die folder staat hoe laxeren werkt.

O Klysma. U komt één uur voor het onderzoek naar het Maag Darm Lever Centrum in het Ikazia Ziekenhuis. Daar krijgt u een klysma.

Het onderzoek

Wat gebeurt er voor, tijdens en na het onderzoek. Soms doet een andere arts het onderzoek dan wij met u hebben besproken. Dit kan komen door een onverwachte situatie.

Naar het ziekenhuis

  • Draag makkelijke losse kleren. Neem ook extra ondergoed mee. In het ziekenhuis krijgt u een speciale broek voor het onderzoek.
  • In het ziekenhuis vragen we het telefoonnummer van uw eerste contactpersoon. Zorg dat u dit nummer bij de hand heeft.
  • U meldt zich aan bij de aanmeldzuil in de hal van het ziekenhuis. Kom op tijd, want dit kan even duren.
  • U volgt route 19 en meldt u aan bij de aanmeldzuil van het MDL-centrum.
  • U wacht in de wachtkamer.
  • Een medewerker haalt u op en brengt u naar de voorbereidingsruimte.
  • Uw familielid of begeleider blijft in de wachtruimte wachten.
  • In de voorbereidingsruimte krijgt u een infuusnaald. Deze naald heet een venflon.
  • Is er met u een klysma afgesproken? Dan krijgt u die ook in de voorbereidingsruimte.

Het onderzoek

  • U wordt in bed naar de onderzoekskamer gebracht.
  • Medewerkers controleren uw naam, geboortedatum en het onderzoek dat u krijgt. Dit heet een time-outprocedure.
  • Heeft u gekozen voor een roesje? Dan krijgt u een sponsje in uw neus. Via dit sponsje krijgt u zuurstof.
  • U wordt aangesloten op apparaten. Deze apparaten meten uw hartslag, zuurstof en bloeddruk.
  • Voor het onderzoek ligt u op uw linkerzij. De arts brengt de slang voorzichtig via uw anus naar binnen. Daarna schuift de arts de slang langzaam door een deel van de dikke darm. Soms trekt de arts trekt de slang een stukje terug. Daarna schuift de arts de slang weer verder.
  • De assistent kan helpen door met de handen op uw buik te drukken.
  • De arts kan vragen of u op uw rug of op uw rechterzij wilt gaan liggen.
  • De arts blaast lucht door de slang in uw darm. Daardoor gaat de darm open. De arts kan de darm dan beter bekijken. U kunt het gevoel hebben dat u naar de wc moet. U kunt ook darmkrampen krijgen. Blijf rustig ademen. U mag windjes laten. Daardoor wordt de druk in uw buik minder.
  • De slang gaat eerst ongeveer vijftig centimeter naar binnen. Dan trekt de arts de slang rustig terug. Op dat moment onderzoekt de arts de darmwand.
  • De arts kan met een tangetje een stukje weefsel weghalen. Dit doet geen pijn. De arts kan ook poliepen weghalen. Soms brandt de arts kleine plekjes in de darmwand dicht. Meestal voelt u hier niets van.

Na het onderzoek

Na het onderzoek brengt een medewerker u in bed naar een andere ruimte gebracht. Daar kunt u uitslapen. U krijgt ook iets te eten en te drinken. Na dit onderzoek mag u weer normaal eten en drinken.

Naar huis

Heeft u een roesje gehad? Dan mag u niet alleen naar huis. U mag ook niet alleen met het openbaar vervoer of met een taxi. Een familielid of kennis moet u naar huis brengen. Na een roesje mag u 24 uur niet meedoen aan het verkeer. U mag dus niet autorijden, motorrijden of fietsen, niet alleen in het openbaar vervoer of een taxi.

De uitslag

U krijgt een voorlopige uitslag voordat u naar huis gaat. De definitieve uitslag krijgt u later. U krijgt die uitslag van de huisarts of specialist die het onderzoek heeft aangevraagd. Vindt de arts een ernstige afwijking? Dan krijgt u een gesprek met de arts, de assistent en uw begeleider.

Mogelijke klachten

Een sigmoïdoscopie is een veilig onderzoek. U kunt daarna darmkrampen krijgen. Die gaan meestal snel over. Andere klachten komen niet veel voor.

Het gaat bloeden

Heeft de arts poliepen weggehaald? Dit kan gaan bloeden. Dit kan ook nog twee weken na het onderzoek gebeuren. De bloeding stopt meestal vanzelf. Soms moet u terug naar het ziekenhuis. U krijgt dan opnieuw een sigmoïdoscopie om het bloeden te stoppen. Heel soms is een buikoperatie nodig.

De darm is beschadigd

Het onderzoek kan uw darm beschadigen. Dit heet een perforatie. Een perforatie kan ontstaan in deze situaties:

  • De darm is ernstig ontstoken.
  • De darm heeft veel uitstulpingen. Zulke uitstulpingen noemen we divertikels.
  • De darm is te nauw.
  • De arts heeft een poliep weggehaald.

De kans op een perforatie is erg klein. Dat gebeurt ongeveer één keer bij tweeduizend darmonderzoeken. Bij een perforatie krijgt uw erge buikpijn. Later kunt u ook koorts krijgen. U moet dan naar het ziekenhuis. Soms is een buikoperatie nodig.

Blijft u bloeden? Heeft u erge buikpijn? Bel dan direct het ziekenhuis of de arts van het MDL-centrum. De telefoonnummers staan op bladzijde 10.

De medicijnen van het roesje

Krijgt u een roesje tijdens het onderzoek? Dan kan de arts twee medicijnen gebruiken: Midazolam en Fentanyl. Deze medicijnen kunnen klachten geven. Deze klachten zijn tijdelijk.

Midazolam is een medicijn dat u slaperig en rustig maakt. Het werkt binnen een paar minuten. Na een of twee uur wordt de werking minder. Pas na 24 uur is het middel helemaal uitgewerkt. Door Midazolam bent u minder bang en meer ontspannen. Sommige mensen vallen in slaap. Midazolam kan ook invloed hebben op uw geheugen. Daardoor kunt u zich het onderzoek later minder goed herinneren. U kunt de volgende klachten krijgen:

  • Lage bloeddruk.
  • Minder goed ademhalen.
  • Verwardheid.
  • Minder energie.
  • Slappe spieren.
  • Problemen met bewegen.

Fentanyl is een sterke pijnstiller. Fentanyl zorgt dat Midazolam beter werkt. Fentanyl werkt binnen een paar minuten. U kunt de volgende klachten krijgen:

  • Stijve spieren.
  • Minder goed ademhalen.
  • Lage bloeddruk.
  • Lage hartslag.
  • Misselijkheid.
  • Overgeven.
  • Duizeligheid.

Belangrijke zaken

U moet op een aantal zaken letten voordat u aan het onderzoek begint. Bijvoorbeeld als u andere klachten heeft of zwanger bent.

U gebruikt bloedverdunners

Vraag aan uw arts of u moet stoppen met het slikken van bloedverdunners. Zeg ook tegen de arts die het onderzoek doet dat u bloedverdunners gebruikt.

U gebruikt ijzertabletten

Stop één week voor het onderzoek met het slikken van ijzertabletten.

U heeft diabetes

Gebruikt u tabletten of insuline voor uw diabetes? Vraag dan de folder ‘Insulinemedicatie aanpassen tijdens laxeervoorbereiding’. U kunt deze folder krijgen bij de diabetesverpleegkundige, het MDL-centrum of de secretaresse van uw arts. Neem uw medicijnen voor diabetes en uw glucosemeter mee.

U heeft een pacemaker of ICD

Bel ons dan en geef dat aan ons door.

U bent zwanger. Of u denkt u dat u zwanger bent

Laat dit aan ons weten. Het onderzoek gaat dan waarschijnlijk niet door.

Maag- of darmfoto’s

Bij het maken van maag- of darmfoto’s gebruikt het ziekenhuis vaak bariumpap. Daarom mag u deze foto’s niet laten maken in de week voor het onderzoek.

Anticonceptiepil

Gebruikt u de pil om niet zwanger te worden? Dan is de pil na het onderzoek niet meer betrouwbaar. Dit duurt tot uw volgende menstruatie.

Ikazia helpt verder

De informatie in deze folder is heel algemeen. Volg daarnaast altijd het persoonlijke advies van uw arts of verpleegkundige.

Toch nog vragen?

Als u na het lezen van deze folder nog vragen heeft, kijk dan in de Beter Dichtbij App. U kunt ook contact opnemen met het Maag Darm Lever Centrum van Ikazia. Van maandag tot en met vrijdag tussen 8.15 uur en 16.15 uur (telefoon: 010-2975374). Buiten kantooruren kunt u contact opnemen met de Spoedeisende Hulp van ons ziekenhuis (telefoon: 010-2975000).

Zorgportaal en Beter Dichtbij-app

Als je in Ikazia behandeld wordt, kun je het zorgportaal mijnikazia.nl en de Beter Dichtbij-app gebruiken.

Zorgportaal

In het zorgportaal staat alle informatie over uw afspraken, uitslagen van onderzoeken. Ook over het contact tussen uw arts, physician assistant (PA), andere artsen en de huisarts. Als u de uitslag van een onderzoek niet kunt zien, betekent dit dat die nog niet bekend is. Sommige uitslagen hebben meer tijd nodig. Heeft u vragen over een uitslag? Stel die dan tijdens uw volgende afspraak met uw arts. U vindt het zorgportaal op www.mijnikazia.nl; log in met uw DigiD.

Beter Dichtbij-app

De Beter Dichtbij-app kunt u downloaden in de appstores. Via deze app heeft u eenvoudig contact met uw arts of verpleegkundige. De doktersassistenten bekijken uw vraag en sturen die door naar de arts. Vaak krijgt u binnen drie werkdagen antwoord. U kunt de app ook gebruiken om vragen te stellen over uw ziekte of om herhaalrecepten aan te vragen (geen injecties of infusen).