Blaasspoeling, eenmalige met Mitomycine

Blaasspoeling, eenmalige met Mitomycine

Blaasspoeling met Mitomycine

Urologie

Inleiding

De uroloog heeft met u besproken dat u een poliep in uw blaas heeft.

Blaaspoliepen kunnen na verloop van tijd weer terugkomen. Als er binnen 24 uur na de operatie een spoeling van de blaas gedaan wordt, is de kans een stuk kleiner dat een poliep terugkomt. Voor de operatie overlegt de uroloog met u of u de spoeling van de blaas nodig heeft. In deze folder vindt u informatie over de blaasspoeling met Mytomicine. Dit is een medicijn (cystostaticum) dat het ongecontroleerd groeien van lichaamscellen remt.

De voorbereiding

Nadat de poliep uit de blaas is verwijderd, wordt de blaas via een katheter gespoeld met een zoutoplossing om stolselvorming te voorkomen. Zodra de urine helder is, kan de blaasspoeling met Mitomycine starten. Deze spoeling vindt binnen 24 uur na de operatie plaats. In de praktijk is dat de dag na de operatie. Deze spoeling wordt 1 keer uitgevoerd op de afdeling Dagbehandeling. Om te voorkomen dat de verpleegkundige in contact komt met de spoelvloeistof, trekt zij beschermende kleding en handschoenen aan.

De spoeling

De verpleegkundige legt een matje onder de katheter om mogelijke lekkage op te vangen. Vervolgens wordt de katheter afgeklemd. De blaasspoeling wordt op de katheter aangesloten. Zodra de spoeling is ingelopen wordt de katheter opnieuw afgeklemd. De spoeling moet nu 2 uur in uw blaas blijven. Als u het gevoel krijgt te moeten plassen of als u blaaskrampen krijgt, vertel dit dan aan de verpleegkundige. De verpleegkundige verwijdert dan de klem van de katheter zodat de spoeling in de opvangzak kan lopen. Daarna wordt het spoelsysteem op de katheter aangesloten en start het spoelen met de zoutoplossing weer. Na het spoelen met de zoutoplossing wordt u naar de verpleegafdeling gebracht.

Na de spoeling

Er kunnen nog resten van het medicijn (Mitomycine) in uw blaas zitten. Deze verlaten uw blaas met de zoutoplossing waarmee de blaas gespoeld wordt.

Om te voorkomen dat de verpleegkundigen hiermee in contact komen, dragen zij handschoenen als de opvangzak geleegd wordt en als de katheter verwijderd wordt. Ook in de katheter en het spoelsysteem kunnen resten van het medicijn achterblijven. Al deze materialen worden daarom in een speciale afvalton verzameld. Als u door de verpleegkundige geholpen wordt met wassen, dan draagt hij/zij handschoenen bij het wassen van uw onderlichaam.

Nazorg / voorzorg

Zorg ervoor dat de vloeistof niet op uw huid komt. Mannen kunnen het beste zittend plassen. Spoel het toilet goed door, zo mogelijk met het deksel erop. Bij morsen van urine buiten het toilet moet u de omgeving goed schoonmaken met een PH neutrale zeep, bijvoorbeeld groene zeep. Besmette kleding en ondergoed kunnen gewoon in de was. Ondergoed en badhanddoeken wassen op 60 graden. Verder hoeven er geen extra maatregelen genomen te worden. Houd de volgende 72 uur rekening met deze maatregelen. Het is aan te raden om op de dag van de spoeling en de dag erna geen seks te hebben, dit omdat niet bekend is hoelang resten van de spoeling achterblijven. Wij adviseren u tot een week na de behandeling bij alle seksuele handelingen een condoom te gebruiken.

Bijwerkingen

De dag na de spoeling kunt u wat griepachtige verschijnselen krijgen zoals koorts, spierpijn, niet lekker voelen.

Een zeldzame bijwerking kan huiduitslag zijn, zoals jeuk.

Tot slot

Heeft u na het lezen van deze folder nog vragen dan kunt u bellen met de polikliniek Urologie. Wij zijn bereikbaar van maandag tot en met vrijdag tussen 8.30—16.00 uur.

T 010 297 54 50 Polikliniek Urologie (route 11)

T 010 297 53 46 Urologieverpleegkundige