“De ziekte overheerst mijn leven niet”

10 juni 2026

Het leven van Brenda Bussem (60 jaar) uit Pernis kwam een paar jaar geleden volledig op z’n kop te staan toen ze hoorde dat ze kanker had. De tijd die volgde was niet alleen lichamelijke zwaar, ook mentaal. Gezondheidszorgpsycholoog Tanja Deden hielp haar destijds. Samen blikken ze terug op die periode.

Brenda:
“Het begon allemaal op vakantie in Sardinië. Toen ik daar mijn bikini aan deed, voelde ik een knobbeltje in mijn borst. Eenmaal terug in Nederland bleek het borstkanker te zijn. Er volgden operaties en vele bestralingen die twee jaar geleden werden afgerond.”

Tanja:
“Hoe heb je die periode na de behandeling ervaren?”

Brenda:
“De mentale klap viel mij zwaar. Wat hielp, was het goede contact dat ik had met de verpleegkundig specialist in Ikazia. Ik kon goed met haar praten en mocht altijd bellen. Maar ik had veel last van angst voor mammografieën (borstonderzoeken, red.). Ik zag die mammografie als een enge “pletmachine” en had daar misleidende gedachten bij.”

Tanja:
“Dat was het moment waarop we samen aan de slag gingen om die irrationele angst te verminderen. We kozen voor EMDR-therapie, een behandelmethode die helpt om de emotionele lading van ingrijpende herinneringen te verlichten. Dit kunnen ook fantasieplaatjes zijn of beelden van een situatie die je nog moet ondergaan maar angst voor hebt. Tijdens EMDR richt de patiënt zich in gedachten op een angstige of belastende situatie, terwijl de aandacht tegelijkertijd wordt afgeleid, bijvoorbeeld door met de ogen een bewegend lampje te volgen. In jouw geval stond de herinnering van de mammografie en het slechte nieuws centraal. Doordat het werkgeheugen gelijktijdig bezig is met de herinnering én met het volgen van de beweging van de lamp, krijgt de angst minder ruimte. Hierdoor neemt de emotionele spanning, die aan de herinnering verbonden is, geleidelijk af waardoor de situatie minder bedreigend aanvoelt.”

Brenda:
“En het werkte. Ik kan nu zonder angst in de wachtkamer zitten en een mammografie ondergaan. Daarnaast heb ik veel gehad aan revalidatietherapie. Drie maanden lang kwam ik twee keer per week samen met andere mensen die een behandeling tegen kanker achter de rug hadden. We noemden onszelf “De Krachtpatsers”. Onder begeleiding van verschillende zorgverleners gingen we aan de slag. Via sport en spel werk je aan herstel en daarnaast praat je veel met elkaar. En dan echt niet alleen maar over kanker. We hadden het veel vaker over luchtige onderwerpen. Twee keer per jaar gaan we nog met elkaar uiteten. Ons whatsappgroepje heet nog altijd "De Krachtpatsers."

Tanja:
“Helaas kreeg je qua gezondheid opnieuw een klap te verwerken.”

Brenda:
“Ja, in de zomer van 2024 kreeg ik ineens enorme buikpijn. Er werd aan een klassieke vorm van eierstokkanker gedacht maar het was granulosaceltumor. Een zeldzame kankersoort waar geen medicijn voor is en dat alleen operatief verwijderd kan worden bij terugkeer. Tien jaar lang krijg ik elk kwartaal een controle om te kijken of de slechte cellen wegblijven.”

Tanja:
“Hoe ging je met deze tegenslag om?”

Brenda:
“Op een positieve manier. Ik zie mijzelf als een geluksvogel. Ik ben blij dat ik leef en laat de ziekte niet mijn leven overheersen. Ik werk al bijna zesendertig jaar bij het Havenbedrijf en dat doe ik met veel plezier. Ik wilde absoluut niet dat mijn werkzame leven zou stoppen vanwege deze ziekte. En dat gebeurde ook niet. Vroeger was ik een manische octopus, tegenwoordig doe ik het wat rustiger aan. Dat is ook prima. Niet alles hoeft op een dag af.”

Tanja:
“Sta je nu anders in het leven?”

Brenda:
“Mijn vrouw en ik genoten al van het leven. Zo hebben we al veel mooie reizen gemaakt, ook met onze camper. Maar ik let er tegenwoordig nog meer op dat ik mijn tijd goed benut. Vroeger was ik regelmatig een steunpilaar voor mensen om mij heen. Doordat ik minder energie heb, kan dat niet meer. In dat opzicht denk ik nu meer aan mijzelf. Verder blijft het voor mij belangrijk om een reden te hebben om mijn bed uit te komen. Zo doe ik vrijwilligerswerk bij onze lokale speeltuinvereniging. Mijn moeder is bijna tachtig en doet dat ook nog steeds. Bezig blijven en onder de mensen zijn, doet mij goed. Mijn werk bij het Havenbedrijf vind ik ook belangrijk en mijn relatie met mijn vrouw natuurlijk.”

Tanja:
“Jouw veerkracht vind ik bewonderenswaardig. Je was zo open en gemotiveerd om aan de slag te gaan. Het was zeker niet gemakkelijk en er zijn heel wat tissues doorheen gegaan, maar alles wat we samen bedachten, daar ging je voor. Heel mooi vind ik dat.”

Brenda:
“Tanja, je was mijn boei. Sluit mijn dossier nog maar niet want als er ooit nog iets is, dan kom ik bij je terug.”

Tanja:
“Dat is goed: hopelijk is het niet nodig maar bij deze krijg je terugkomgarantie!”